|
Rasbeschrijving
Het Ouessantschaap is klein, rechthoekig en relatief hoogbenig gebouwd. Volwassen rammen wegen ± 20 kg. en hebben en schofthoogte van maximaal 49 cm. Volwassen ooien wegen ± 15
kg. en hebben een schofthoogte van maximaal 46 cm.
Het schaap komt in 3 kleurslagen voor; zwart, bruin en wit. De zwarte kleur overheerst, vooral in Fran krijk. Uit heterozygote zwarte ouders ontstond de homozygote karamel bruine kleur, die in Frankrijk
vrijwel niet voorkomt, maar in Nederland wel gewild is. Door kruising met Arree of Bretonse landschapen ontstond de witte kleur. Deze kleurslag is vrij zeldzaam, maar wint aan
populariteit. De wol is lang met een zeer dichte ondervacht die bescherming biedt aan ruw zeeklimaat.
De bronst is kort, van oktober tot januari. Omdat de Ouessantooien alleen in deze periode
ontvankelijk zijn voor de ram, kan deze laatste het gehele jaar door bij de kudde lopen. De ooien werpen gewoonlijk één lam. Bij hoge uitzondering worden tweelingen geboren.
Geboorteproblemen komen vrijwel nooit voor, de ooien hebben zeer goede moedereigenschappen. Er hoeft dan ook niet, zoals bij andere schapenrassen, 's-nachts
gewaakt te worden als er afgelammerd moet worden.
De voeding voor de Ouessants is net als de schapen zelf, sober.'s-Zomers gras, 's-winters hooi in voldoende mate en ongeveer 100 gram ruwvoeder per dier per dag.
Bijvoorbeeld: schapenbrok afgewisseld met eventueel wat grasbrok of pulp.
Een speciale schapenliksteen zorgt ervoor dat eventuele tekorten aan mineralen worden aangevuld.
|